foto van een laadpaal, fabrikant:
laadpaal (Peblar)

Laadpaal voor het laden van een EV

De laadpaal is een laadpunt waarmee een EV (elektrische auto) geladen kan worden. Het voordeel van een laadpaal is dat je een grote mate van vrijheid hebt waar je de laadpaal kan plaatsen, dit in tegenstelling tot een wandlader, die altijd aan een wand of muur bevestigt moet worden.

Wat is een laadpaal?

Een laadpaal is één van de vele type laadpunten die we formeel een EVSE noemen. Een compleet overzicht van alle mogelijke laadpunt-typen tref je aan in dit artikel.

Een laadpaal is feitelijk een wandlader alleen is deze nu niet aan een wand of muur bevestigt maar aan een paal. Dat is dan ook de reden dat een laadpaal duurder in aanschaf is dan een wandlader. Dat komt door de aanschaf van de "paal", de "fundering" voor de paal en meestal een wat langere kabel tussen het laadpunt en de meterkast.

Maar tegenover dit financiële nadeel staat de vrijheid waar je het laadpunt wil installeren op je terrein tegenover.

Waar moet je op letten bij aanschaf?

We schreven al, een laadpaal is feitelijk een wandlader. Dus bij de zoektocht naar een laadpaal kan je net zo goed zoeken bij wandladers, want zo'n wandlader wordt aangeboden als wandlader en als laadpaal, technisch zijn ze hetzelfde, je bestelt zelfs hetzelfde product, alleen bij de één zonder en de ander inclusief een "paal".

Bij het kiezen van een laadpaal zal je onder andere moeten kiezen voor een model met 11 kW of 22 kW laadvermogen, enkelfase of driefase, met vast laadsnoer of een socket, wel of geen load-balancing en de mogelijkheid om met zonne-energie te kunnen laden. Deze en nog andere keuzes hebben we beschreven in het artikel laadpunt-keuzes.

Wifi of bedraad?

Bij de meeste laadpalen kan je op afstand de status van de laadpaal uitlezen, het laden start/stoppen, de laadstroom aanpassen en andere instellingen maken. Een laadpaal staat veelal wat verder van de woning en dan bestaat de kans dat het wifi signaal niet betrouwbaar is of zelfs helemaal geen bereik heeft. Daarom is het heel verstandig om bij een laadpaal juist niet te kiezen voor wifi maar voor een Ethernet verbinding. Controleer bij de keuze van de laadpaal of Ethernet wel ondersteund wordt.

Wanneer de laadpaal geïnstalleerd wordt, trek dan niet alleen een kabel voor de 230 Volt, maar ook een UTP kabel voor de Ethernet aansluiting. Als je slim bent, trek je niet één maar gelijk twee UTP kabels. De tweede kabel kan, indien noodzakelijk, gebruikt worden voor de P1-meter data van de slimme meter voor loadbalancing of zonne-laden. Mocht die P1-kabel (UTP) kabel niet strikt noodzakelijk zijn, leg hem dan toch neer. Mogelijk dat in de toekomst je ooit een andere laadpaal koopt, en/of als reserve kabel mocht de andere UTP kabel defect raken. Nu één kabel extra ingraven kost vrijwel niets extra's, maar later een nieuwe UTP kabel ingraven kost kapitalen.

Elektrische voorbereidingen

Extra elektriciteitsgroep

Een laadpaal moet aangesloten worden op een eigen aparte elektriciteitsgroep in de groepenkast. Die groep moet voorzien zijn van een installatieautomaat (zekering) én een aardlekschakelaar. Maar meestal wordt gekozen om deze twee te combineren en wordt een gebruikt.

De vraag is of de aardlekschakelaar (of aardlekautomaat) een type "A" of type "B" aardlekschakelaar moet hebben. Dat is afhankelijk van het gekozen model EVSE, lees hier meer over in dit artikel.

Type grondkabel

De laadpaal moet natuurlijk aangesloten worden op het elektriciteitsnet. Dat gaat via de meterkast / groepenkast. Tussen de laadpaal en de meterkast moet een flink stevige kabel aangelegd worden. Omdat de kabel vrijwel altijd in de grond wordt ingegraven, worden aan die kabel extra eisen gesteld in verband met de veiligheid. Want stel dat een volgende bewoner in de grond gaat graven met een schep, dan zou deze geëlektrocuteerd kunnen worden. Daarom moet zo'n kabel in een beschermende mantelbuis gelegd worden of moet moet de kabel voorzien van een "aardscherm", een metalen omvlechting van de kabel (waarover heen weer kunststof isolatie zit). De kabel met zo'n aardscherm is te herkennen aan de toevoeging/afkorting -as bij de benaming van de kabel. Bijvoorbeeld een YMvK kabel heeft niet zo'n aardscherm, een YMvK-as kabel heeft wel zo'n aardscherm.

Aderdiameter grondkabel

De draden in de elektrische installatie in een woning hebben een draaddoorsnede van 2,5 mm2 en die groepen worden gezekerd met installatieautomaten van 16 Ampère.

Een laadpaal met een maximum laadstroom van 16 Ampère (enkelfase: 3,7 kW, driefase: 11 kW) zou met kabel aangesloten kunnen worden waarbij de aders 2,5 mm2 zijn.

De kabel naar een laadpaal heeft doorgaans een flinke lengte. Tien meter is niets, soms twintig meter of meer. Hoe langer die kabel is, hoe groter de elektrische verliezen zijn. Bij gebruik van een lange kabel, relatief grote laadstromen en een relatief kleine aderdiameter kunnen die verliezen flink oplopen. Mocht de netspanning van de netaansluiting altijd al laag zijn, dan kan dat in combinatie met een lange kabel voor problemen zorgen. Als de spanning bij het laadpunt, door de combinatie van al een lage netspanning en het spanningsverlies over de lange dunne kabel, onder de 207 Volt zakt, dan schakelt de laadpaal zich uit.

Vanwege bovenstaande aspecten kiezen de meeste installateurs van laadpunten om een kabel te gebruiken met aders van 4 mm2. Die zijn wel iets duurder, maar voorkomen grote verliezen en het mogelijk stoppen van de laadpaal.

Mocht je overwegen om te laden met maximaal 22 kW, in plaats van 11 kW, dan is de stroom door de kabel niet maximaal 16 maar 32 Ampère, dan moet je serieus overwegen om de kabel uit te voeren met 6 mm2 aders.

Enkelfase of driefase kabel

Stel dat je een enkelfase netaansluiting hebt van bijvoorbeeld 1x35A of 1x40A, dan lijkt het voor de hand te liggen om dan ook te kiezen voor een enkelfase kabel tussen de meterkast en de laadpaal. Dat is dan een kabel met drie aders: een aarde-, nul- en fasedraad.

Maar denk gerust even wat langer na, want wellicht is het toch slimmer om een driefase kabel te gebruiken naar de laadpaal (aarde-, nul- en 3xfasedraad), ook al heb je nu een enkelfase aansluiting. Het idee hierachter is: de elektrische auto's krijgen steeds grotere accu's en je wil de accu lekker snel laden. Met één fase gaat dat laden drie keer zo traag dan met driefase.

Mogelijk dat je in de toekomst besluit om de netaansluiting aan te laten passen naar driefase. In dat geval heb je al de juiste kabel liggen. In de tussentijd kan je de driefase kabel gewoon als een enkelfase kabel gebruiken.

Verder lezen

Dit artikel maakt deel uit van een artikelenreeks waarbij we de vele aspecten van de laadpaal bespreken.


publicatie: 20260702

aanpassing/controle: 20260702

Foutje of aanvulling? Stuur ons een reactie