Wat is een remautomaat?

foto van een normale installatieautomaat die als remautomaat gebruikt kan worden (hager B25)
een remautomaat is normale automaat als iedere andere, maar dan met een andere taak (Hager MHN525 B25)

Een remautomaat is een installatieautomaat (zekering) die zorgt dat de groepenkast niet overbelast kán worden bij gebruik van, later toegevoegde, zonnepanelen en/of energieopslagsysteem (thuisbatterij).

Is een remautomaat een speciale automaat?

Nee, een remautomaat is een doodgewone automaat, net als iedere andere. Alleen is zijn functie, hoe hij ingezet wordt, wat hij moet bewaken, net iets anders dan normaal.

Wanneer is een remautomaat noodzakelijk?

Een remautomaat moet – mogelijk – toegepast worden zodra in een bestaande installatie (groepenkast) een extra "energiebron" aangesloten wordt, zoals een zonnepaneelinstallatie of een energie opslagsysteem (thuisbatterij).

Waarom is een remautomaat noodzakelijk?

De remautomaat is noodzakelijk omdat de bestaande groepenkast gedimensioneerd is op basis van één energiebron, die uit het net. De aansluiting op het net kan een bepaalde maximale stroom leveren, dat wordt bepaald door de installatieautomaat/zekering van de netbeheerder. Dat is bijvoorbeeld 40 Ampère (dit houden we in dit artikel even aan als voorbeeld).

illustratie met een blokschema van een groepenkast met later een zonnepaneelomvormeraansluiting toegevoegd, maar nu kan een grotere stroom door de groepenkast lopen dan 40 Ampère
ongewenste / gevaarlijke situatie: later toegevoegde zonnepaneelgroep zorgt voor een extra aanvoer van 16A stroom, samen met 40A uit het net is dat maximaal 56A. In het rode gedeelte kan, in dit voorbeeld, 50A stromen (2x25A=50A vanwege de aardlekautomaten), terwijl de bedrading, in dit voorbeeld, gedimensioneerd is op 40A

Dat betekent dat de gebruikte draden en sommige andere componenten in de groepenkast, gedimensioneerd zijn op maximaal 40 Ampère. Een grotere stroom kan immers nooit vloeien omdat anders de automaat/zekering van de netbeheerder afschakelt.

Stel dat in de woning zonnepanelen in gebruik worden genomen, dan zal een zonnepaneelomvormer aangesloten worden tussen de hoofdschakelaar en de aardlekautomaten in de groepenkast.

Stel dat de omvormer 16 Ampère stroom kan leveren. Dan zal in de groepenkast een extra groep aangesloten worden met een aardlekautomaat van 16 Ampère. Op dat moment zijn er twee energiebronnen, uit het net kan een stroom geleverd worden van 40 Ampère, en vanuit de zonnepaneelomvormer 16 Ampère. Samen dus 40 + 16 = 56 Ampère.

De groepenkast was oorspronkelijk ontworpen voor stromen van maximaal 40 Ampère. Daarop was de draaddoorsnede van het installatiedraad en mogelijk kamrails op afgestemd, die is dan minimaal 6 mm2 (tot en met de aardlekautomaten).

Nu een tweede energiebron toegevoegd is, ontstaat een zeer onwenselijke situatie dat de stroom in de groepenkast groter kan worden dan die 40 Ampère. Dat kan leiden tot overbelasting, die niet bewaakt wordt door een installatieautomaat, dus kan voortduren zonder dat ingegrepen wordt. Dat is een potentieel risico.

Hoe lossen we het probleem op van een tweede (of derde) energiebron?

We moeten het probleem dat de maximale stroom groter kan worden dan 40 Ampère oplossen door bijvoorbeeld de bedrading in de groepenkast aan te passen van in dit voorbeeld, 6 mm2 naar 10 mm2. Want 10 mm2 installatiedraad (en 10 mm2 kamrails) is bruikbaar tot een stroom van maximaal 63 Ampère. Dat is een ingrijpende klus, maar er is een alternatief, het inzetten van een remautomaat.

Wellicht denk je, gaat de remautomaat zorgen dat de productie van elektriciteit van de pv-omvormer en/of thuisbatterij "geremd" wordt. Maar dat is niet zo. De hoeveelheid stroom die de pv-omvormer en/of thuisbatterij kan leveren, verandert niet.

De remautomaat zal, als deze op de juiste plaats in de installatie opgenomen wordt, voorkomen dat "de elektrische aansluitingen/apparaten in de woning" nooit meer stroom kunnen afnemen als de "zekeringwaarde" van de remautomaat. Zou je teveel apparatuur tegelijkertijd aanzetten, in verschillende groepen, dan bestaat de kans dat de stroom groter zou kunnen worden dan de ontwerpstroomsterkte van de groepenkast, in ons geval 40 Ampère. Doordat alle stroom "naar de woning" door de remautomaat stroomt, en de remautomaat in dit geval een installatieautomaat is met een nominale stroom van 40 Ampère, zal de stroom nooit groter kunnen worden dan die 40 Ampère in dit voorbeeld.

De kans dat in de woning zoveel stroom afgenomen wordt dat de remautomaat afschakelt, is erg klein, maar niet ondenkbaar. Voor de veiligheid is dus die automaat in de groepenkast opgenomen, om "aan de rem te trekken" als het echt te gek wordt.

Zoals je nu begrijpt is een remautomaat dus een hele normale installatieautomaat, die bij een overbelasting gewoon afschakelt. Niets speciaals.

Waar moet de remautomaat in de groepenkast geïnstalleerd worden?

illustratie met een blokschema van een groepenkast met daarin opgenomen een remautomaat vanwege een zonnepaneelomvormer
remautomaat zorgt dat de stroom in de groepenkast (tussen hoofdschakelaar en aardlekautomaten) nooit groter kan worden dan 40 Ampère

De remautomaat moet er voor zorgen dat de stroom in de groepenkast nooit groter kan worden als waar hij voor ontworpen is. In ons voorbeeld is dat 40 Ampère.

De remautomaat moet zodanig opgenomen worden dat de stroom van alle energiebronnen (net, PV, EOS) door de remautomaat moet lopen voordat het verdeeld wordt over de elektriciteitsgroepen in de woning.

De remautomaat wordt dus geplaatst tussen de hoofdschakelaar en de aardlekautomaten (of aardlekschakelaars) die stroom verdelen, via de installatieautomaten naar de elektriciteitsgroepen in de woning. De zonnepaneelomvormer wordt, via de (zonnepaneelomvormer)aardlekautomaat van in dit geval 16 Ampère, aangesloten op de verbinding tussen de hoofdschakelaar en de remautomaat.

Hoe zwaar moet de remautomaat zijn?

De remautomaat heeft tot taak de stroom te beperken waar de groepenkast oorspronkelijk voor ontworpen is. Je hoeft alleen maar te kijken naar de installatieautomaten/zekeringen van de netbeheerder in de groepenkast. De remautomaat moet dezelfde waarde hebben als de automaten/zekeringen van de netbeheerder. Is dat 25 Ampère? Dan moet de remautomaat ook 25 Ampère zijn. Is dit 40 Ampère? Dan moet de remautomaat ook 40 Ampère zijn.

Moet de bedrading tussen de remautomaat, zonnepaneelomvormer-aardlekautomaat en hoofdschakelaar vervangen te worden?

Dat is een gewetensvraag. Praktisch gezien is het antwoord nee, door gebruik van de remautomaat kan nooit meer dan 40 Ampère door de woning afgenomen worden, dus dan is (in ons voorbeeld) de 6 mm2 bedrading voldoende.

Als je deze kwestie bekijkt door de bril van een keuringsinstantie, dan zou je kunnen bedenken dat in de bedrading die zich bevindt tussen remautomaat, zonnepaneelomvormer aardlekautomaat en hoofdschakelaar, theoretisch het mogelijk is dat een kortsluiting zich voordoet. In dat geval kan de zonnepaneelomvormer 16 Ampère leveren en het via de netaansluiting komt 40 Ampère, samen dus 56 Ampère. Dus een strenge maar rechtvaardige keurder zal de bedrading van (in ons voorbeeld) 6 mm2 (dat geschikt is tot 40 Ampère) niet voldoende vinden en eisen dat deze bedrading uitgevoerd wordt met 10 mm2 draad die geschikt is tot stromen van 63 Ampère. En heel eerlijk, die keurder heeft eigenlijk wel gelijk. Het is wel zo veilig en de kosten zijn het ook niet.

Is een remautomaat ook noodzakelijk bij het aansluiten van een energie opslagsysteem (thuisbatterij)?

De informatie in dit artikel geldt voor het aansluitgen van "een extra energiebron". Dat kan een pv-omvormer zijn, maar dus ook een thuisbatterij.

Betreft het een thuisbatterij "met stekker" dan is dat niet noodzakelijk, zelfs overbodig. De stroom vanuit de stekker-thuisbatterij zal niet via de remautomaat vloeien, en heeft dan dus geen functie. Is de thuisbatterij op een eigen groep aangesloten, dan mogelijk wel, zeer waarschijnlijk zelfs wel. Lees onderstaande paragraaf voor meer informatie.

Wanneer is een remautomaat wel of niet noodzakelijk?

Of een remautomaat wel of niet noodzakelijk is zal afhankelijk zijn van het ontwerp, gebruikte draden en andere zaken, in de groepenkast én hoeveel stroom maximaal geleverd kan worden door de netaansluiting in combinatie met de pv-omvormer en/of thuisbatterij.

Is de groepenkast ontworpen voor 40 Ampère, dus onder andere uitgevoerd met met installatiedraad van 6 mm2, dan moet je de maximale stroom vanuit het net (zekeringwaarde netbeheerder) optellen bij de zekeringwaarde van de pv-omvormer en/of de thuisbatterij. Als die waarde hoger is dan 40 Ampère, dan is een remautomaat noodzakelijk (of een andere, grotere, aanpassing van de groepenkast).

Is de groepenkast ontworpen voor 63 Ampère, gebruikmakend van onder andere 10 mm2 installatiedraad, en is de netaansluiting 3x25 Ampère en is de pv-omvormer voorzien van een 16A aardlekautomaat, dan is de stroom maximaal 25+16=41 Ampère, dan lijkt een remautomaat niet nodig.

Is de netaansluiting 40 Ampère en de pv-omvormer aardlekautomaat 16 Ampère, samen dus 56 Ampère, dan lijkt de remautomaat niet nodig. De groepenkast is immers in dit voorbeeld gedimensioneerd op 63 Ampère.

Wordt in dit laatste voorbeeld een thuisbatterij bijgeplaatst, die ook een aardlekautomaat heeft van 16 Ampère, dan wordt de maximale stroom (bij een 3x25 netaansluiting) 25+16+16=57 Ampère, dan lijkt een remautomaat niet noodzakelijk. Maar bij een netaansluiting van 1x40A dan wordt de maximale stroom 40+16+16=72 Ampère, dat is hoger dan de ontwerpstroomsterkte van 63 Ampère, dan is een aanpassing noodzakelijk, een remautomaat is dan een mogelijke oplossing.

Let op: bij bovenstaande berekeningen moet je niet uitgaan van het werkelijk te leveren vermogen van de zonnepaneelomvormer (en/of thuisbatterij), bijvoorbeeld 2000 Watt, dus 2000A/230V=8,7A maar van de "zekeringwaarde" van de gebruikte aardlekautomaat en die zal veelal 16A zijn. Dan moet je die 16A dus in je berekening gebruiken. Het idee hierachter is dat op dit moment wellicht een pv-omvormer gebruikt wordt van 2000 Watt, maar in de toekomst zou deze vervangen kunnen worden door een ander exemplaar (eventueel met uitbreiding van zonnepanelen) en zou de geleverde stroom kunnen oplopen naar 16A wellicht 20A. De groepenkast moet namelijk ook veiligheid bieden als je de zonnepaneelomvormer vervangt voor een zwaarder exemplaar. Mochten later andere bewoners de woning betrekken, dan moet de groepenkast "gewoon veilig zijn" en niet afhankelijk zijn van de keuze van een pv-omvormer.


publicatie: 20260226

aanpassing/controle: 20260226

Foutje of aanvulling? Stuur ons een reactie